Selecteer een pagina

Home » Levensverhalen van (jong)volwassenen

"Er is veel te weinig aandacht voor de mentale kant van ons verhaal.”

Ramon vindt dat mentale hulp een standaardoptie zou moeten zijn. Hij is dertig jaar en geboren met Tetralogie van Fallot. Ramon had een valse start in zijn leven, zoals veel kinderen met een aangeboren hartafwijking. Als kind stond hij nooit echt stil bij zijn hartconditie. Maar hoe ouder hij werd, hoe meer zijn mentale molen ging draaien.

’Op mijn achtentwintigste kreeg ik een ritmestoornis en was het ineens kantje boord voor me. Vanaf toen ben ik me steeds meer gaan bezighouden met de psychologische kant van het verhaal. Ik ben altijd al spiritueel aangelegd en heb veel geleerd van mijn therapeuten.’  

Jeugdtrauma’s 

Hij had een prima jeugd, speelde fanatiek voetbal en ging studeren. Ramon heeft acht operaties gehad, maar kan zich weinig herinneren van de keren dat hij is geopereerd als kind. Hij is overgevoelig en had moeite om zijn grenzen aan te geven, zeker als kind. ‘Ik was een makkelijk doelwit voor pestkoppen, vooral op momenten dat ik moe was en een lage weerstand had. Waarschijnlijk voelde ik van alles en wist niet wat ik ermee aan moest. Mijn reactie was onderdrukken, want dan hoefde ik het niet te benoemen. Na een van mijn laatste operaties volgde ik een revalidatietraject waarbij ook psychologische hulp kwam kijken. Daar merkte ik dat ik in het verleden flink wat heb weggedrukt en met een hoop onverwerkte jeugdtrauma’s zat.’ 

Spiritueel 

Ramon heeft nooit echt moeite gehad met studeren, maar hij liep vast nadat hij zijn bachelor had afgerond en een masterscriptie moest schrijven. ‘Mijn opa was net overleden en het lukte me niet om een onderwerp voor mijn scriptie te formuleren. Ik wilde eerst de boel mentaal opschonen en mijn leven op een andere manier inrichten zodat ik niet teveel van mijn lichaam zou eisen. Omdat ik altijd al interesse heb gehad in de spirituele kant van het leven, heb ik regressietherapie gevolgd. Daar ben ik onder een soort lichte hypnose teruggegaan in de tijd en kreeg specifieke visioenen, vergelijk het met een droom. Voor veel mensen klinkt dit misschien vaag, maar voor mij vielen er wel wat dingen op hun plaats. Ik begrijp nu beter waar sommige gevoelens vandaan komen.’ 

Alles is één 

Toen Ramon na een zware operatie in het ziekenhuis lag, kreeg hij een bijna-dood-ervaring. ‘Ik had een ritmestoornis en zag mezelf ineens boven het ziekenhuisbed zweven. Het was een moment waarop mijn bewustzijn doorging, maar mijn lichaam er al mee gestopt was. Ik weet nog dat op dat moment alles één werd. Een heel bijzondere ervaring, Ik dacht: ‘Hee, ik kan nadenken maar ik ben er niet meer.’ Daarop besloot ik om weer terug te gaan naar mijn lichaam en werd wakker. Volgens mijn regressietherapeut had ik zoiets al een keer meegemaakt toen ik kind was.’ 

Meer rust 

Ramons vriendin heeft een Joodse achtergrond, waarin bepaalde leefregels gelden. Ze heeft een chronische nieraandoening dus ze vinden veel steun bij elkaar, al vanaf ze elkaar net kenden. Binnenkort krijgen ze hun eerste kind. ‘Ik heb veel steun aan bepaalde delen van mijn geloof en dat van mijn vriendin. En doordat ik meer aandacht heb besteed aan de spirituele kant, heb ik enorm veel geleerd. Ik accepteer nu meer dat iets is wat het is, en betrek niet alles meteen op mezelf. Het leven is mooi: ik ben goed zoals ik ben en hoef niet meer die hogere doelen na te streven. Ik accepteer beter dat er rust in mijn leven komt en dat ook aankan.’ 

Mentale begeleiding 

‘Ik ben altijd bezig geweest te zoeken naar de intrinsieke kant van dingen. En ik ben ervan overtuigd dat er meer is dan alleen dit leven. Ik wil mensen helpen en mentale begeleiding aankaarten bij hartpatiënten. Medisch kan er steeds meer en dat betekent dat ook steeds meer mensen met mentale issues te maken krijgen. Ik zou willen dat iedereen met een hartconditie standaard het aanbod krijgt om van psychische hulp gebruik te maken. Dat geldt voor zowel patiënten als ouders. Nu loop je er per toeval tegenaan, maar het moet integraal onderdeel worden van de behandeling.’  

‘Wat ik andere hartpatiënten wil meegeven: dingen die je wil bereiken kunnen ook op andere manieren. Je hoeft geen hartchirurg te worden om mensen met een hartafwijking te helpen. Laat je niet gek maken door andere mensen. Vergelijk je met jezelf en niet met een ander. Er is altijd wel iemand die harder kan lopen dan jij.’ 

 

Laatste nieuws